In de voormalige fabrieken op het terrein van Zwitsal Apeldoorn werden decennia lang de overbekende verzorgingsproducten van Zwitsal geproduceerd. Het historische industriële karakter van het terrein gaat er hand in hand met de innovatiekracht en creativiteit van de huidige ondernemers. Maar hoe gaat dit terrein eruitziet als er in de toekomst gewoond gaat worden?

Voor deze opgave heb ik een ruimtelijke strategie en toetsbaar ruimtelijk fragment ontworpen voor een nieuw woonmilieu op het Zwitsal-terrein. Hierbij heb ik de onderzoeksvraag (research paper) gesteld: Welke principes en voorwaarden horen bij een leefbaar woonmilieu en hoe kunnen deze ruimtelijk vertaald worden in een nieuw woonmilieu binnen het Zwitsalterrein in Apeldoorn?

De ontwerpopdracht die daarbij hoorde luidde: ‘Het ontwerpen van een strategie voor het Zwitsalterrein, uitgewerkt in een toetsbaar ruimtelijk fragment. Hierin worden zowel visie- als theoriegebonden ruimtelijke principes zichtbaar, die een eerste stap richting een leefbaar woonmilieu mogelijk kunnen maken.’

Binnen deze opgave richt ik mij op de kernbegrippen: eigenaarschap in ruimtegebruik, sociale cohesie en bestaande context.

Bekijk hier het presentatiedocument: https://indd.adobe.com/view/aef5611c-9440-40b4-b647-ea7b3972c65d
Strategie Zwitsal(HD)psd2.jpg
Researchpaper_Zwitsalterrein_MN(12-06-20).pdf
Final Project Zwitsalterrein - Research paper.
Designpaper_Zwitsalterrein_MN(17-06-20).pdf
Final Project Zwitsalterrein - Design paper.

Researchpaper

Onderzoeksverslag betreft final project Woonmilieu Zwitsalterrein Apeldoorn.
Researchpaper_Zwitsalterrein_MN(xx-xx-xx).pdf
Marielle Neijs

Marielle Neijs

28 November 1996
Volg
  1. Artist statement; wat is je specialisme, wat maakt jouw werk uniek?

    Het ontwerpen van zowel ruimte als tussenruimte in een specifieke context, waar de behoeftes en karakters van de gebruikers onophoudelijk en vloeiend doorheen kunnen stromen.

  2. Wat zijn je ambities? Wat wil je over vijf jaar bereikt hebben?

    Ik stap het werkveld in als een interieurarchitect met een scherpe visie op de waarde van ruimte in haar context, en hoe deze optimaal benut kan worden. Dat niet alleen het karakter van de fysieke ruimte en de context zichtbaar wordt, maar ook het karakter van de gebruiker hier doorheen kan gaan vloeien. Dat vind ik het allerbelangrijkst. Juist dat karakter maakt ruimtes en tussenruimtes uniek en verwonderend. En ik denk dat we juist in een tijd als deze (COVID-19) behoefte hebben aan ons eigen 'systeem': ons ritme en zeker eigen ruimte. Deze ontwikkeling zal de komende jaren alleen nog maar sterker worden. Vragen die daarbij opkomen, zijn: Hoeveel ruimte hebben we nodig voor ons mentale welzijn? Hoeveel ruimte hebben we nodig voor ons fysieke welzijn? Hoe beheren we die ruimte? Hoe passen onze menselijke karakters in deze ruimte? Interessante ontwerpvragen waar ik mij in de toekomst zeker nog heel graag mee bezig wil en ga houden.

  3. Wat is het belangrijkste dat je hebt geleerd tijdens je studie?

    Ik heb mijzelf tijdens deze studie laten verbazen en inspireren. Ik heb hard gewerkt en ik ben vooral mezelf als ontwerper tegengekomen. Ik heb me conceptueel en verhalend, maar ook visueel/beeldend verder ontwikkeld. Mijn 'ontwerpershart' zit op de juiste plek (naar mijn idee). Niet het maken van mooie ruimtes, maar het ruimte maken voor mooie momenten. Mooi als in functioneel, helpend, persoonlijk, uniek. Want ruimtes zijn niet aan een moment gebonden - in mijn hoofd leeft een ontwerp, beweegt een ontwerp. Dat is een goed voorbeeld van hoe ik als ruimtelijk ontwerper met opdrachten om wil gaan, mede dankzij deze opleiding.